Inschrijving gratis online cursus gestopt

De coronadreiging is nog lang niet voorbij, maar de instellingen waar ik mijn cursussen geef, Hovo Amsterdam, Hovo Rotterdam, Hovo Brabant en de Volksuniversiteit Den Haag zijn creatief aan de slag gegaan met de uitdaging. In al die instellingen zijn de cursussen nu online in het komend najaar gepland. Gelukkig heb ik daar dus, dankzij de gratis online cursussen in maart, april en mei, een hoop waardevolle ervaring mee opgedaan. De trouwe deelnemers daarvan worden bij deze alsnog bedankt.

Dat is dus heel goed nieuws in moeilijke tijden, eigenlijk. Vanzelfsprekend is daarom de inschrijving voor de gratis online cursus gestopt. De mensen die op de wachtlijst stonden worden nog wel beloond mits ze hun inschrijving bevestigen. Die hebben daar intussen al een verzoek voor gekregen.

Intussen is het vertalen van mijn boek flink opgeschoten, mede dankzij de corona. Eind van de maand moet de ‘ruwe’ versie klaar zijn. De uitgever, MijnBestSeller.nl, heeft al aangegeven voldoende contacten in de Angelsaksische boeken wereld te hebben. Dat wordt spannend. Ik ben daarom op zoek naar proeflezers die de Engelse taal beheersen op het niveau van mensen die die taal als eerste hebben leren spreken en die daarbij een goede beheersing hebben van wetenschappelijk taalgebruik. Een proefleesexemplaar (alleen hoofdstuk 1 en 2) in epub formaat kan gedownload worden door op bovenstaande afbeelding te klikken.

Vragen van een lezer

Er komen veel positieve reacties op het boek. Tussen die reacties zitten ook nogal eens vragen. Het boek roept ook vragen op. Deze keer zet ik de vragen van een lezer, met zijn instemming natuurlijk, inclusief mijn antwoorden hier neer.

NB: De Engelse vertaling van mijn boek nadert zijn voltooiing. Proeflezers opgegroeid in een Angelsaksische omgeving kunnen zich aanmelden via het contactformulier.

Hoe worden kwantumgolven gegenereerd?

Wij nemen objecten waar, omdat “(zon-)licht” wordt weerkaatst van die objecten richting onze oogbol. Maar genereren objecten ook kwantumgolven als er geen (zon-)licht op reflecteert? Hoe kan dat? Kunnen we dan alleen objecten waarnemen zolang ze kwantumgolven uitstralen. Als ze geen kwantumgolven uitstralen, “zijn” ze er dan wel, maar “zien” we ze dan niet? Hoe werkt dat in volmaakte duisternis?

Antw: Kwantumgolven zijn geen ‘materiële’ golven. Het zijn waarschijnlijkheidsgolven en waarschijnlijkheden zijn (nog) niet materieel, ze zijn nog niet tot materie gekomen zou je kunnen zeggen. Kwantumgolven zijn wel – in zekere zin – fysisch aangezien ze in tijd en ruimte beschreven kunnen worden via de Schrödingervergelijking. Maar ik kan ook in gedachten een trip maken van A naar B en dat zo precies als ik maar wil met tijden en plaatsen. Bestaat die trip dan fysiek?

Zien is een fysisch gebeuren, daar gebruiken we fotonen voor. Voor wat betreft fotonen, die ik zie als niet meer dan ervaringen van energieoverdracht, lees hoofdstuk 9 van mijn boek nog eens. Aan elk object kun je een kwantumgolf toekennen, zolang dat object niet wordt waargenomen. De waarneming is mijns inziens de keus die het waarnemend bewustzijn (niet ons dag-bewustzijn) maakt uit alle mogelijkheden. Die keus verschijnt in het dag-bewustzijn als een waarneming. Dat hoeft overigens geen visuele waarneming te zijn, we hebben nu eenmaal vijf zintuigen die ons van waarnemingen voorzien.

Elke waarneming is dus tegelijkertijd een creatieve actie waarbij de uitkomst van de actie, de informatie, in onze herinnering wordt opgeslagen als historisch feit. Het gecreëerde object is dus eigenlijk geen materieel permanent aanwezig object, het bestaat puur uit een keten van herinneringen. Herinneringen zijn dus de vastgelegde keuzes die wij gemaakt hebben uit de door het universum aangeboden palet van mogelijkheden.

Biologische, levende systemen zijn in dat opzicht opmerkelijk aangezien die in staat blijken tot het maken van keuzes die hun entropie consequent verlagen. De 2e wet van de thermodynamica, die de afname van de entropie in een gesloten systeem verbiedt, is afgeleid voor niet levende systemen, dat deel van de natuur die de fysica tot het enige onderwerp van elementaire studie heeft gemaakt.

De vraag hoe kwantumgolven gegenereerd worden kan daarom mijns inziens alleen beantwoord worden met: het waarnemend bewustzijn. Het waarnemend bewustzijn is veel meer dan ons dag-bewustzijn. Het is het universum, de bron, het kosmisch bewustzijn. Mijn vermoeden is dat dat het bewustzijn is dat we weer verkrijgen na de dood. Kwantumgolven worden in mijn visie niet gegenereerd door objecten, die objecten bestaan niet fysiek, dus hoe zouden ze dan iets kunnen genereren?

Waar komt de energie van de kwantumgolven en van de discrete energie pakketjes (fotonen) dan vandaan?

Antw: Kwantumgolven bevatten zelf geen energie. Ze zijn niet materieel en materie is equivalent met energie. Ze zijn wel fysisch in de zin dat ze waarschijnlijkheden om materie bij onze waarnemingen aan te treffen bevatten. Je mag ze wat mij betreft daarom ook metafysisch noemen. Waar de energie van een foton vandaan komt is lastiger te zeggen. Een foton is een brokje energie dat overspringt en is als zodanig een onderdeel van ons fysische universum dat in zijn geheel een zekere hoeveelheid energie (=massa) bevat. Het aardige is dat bepaalde berekeningen, die ervan uitgaan dat de energie van een voorwerp dat niet voldoende ervan heeft om uit een zwaartekrachtveld te ontsnappen negatief geteld moet worden, erop uitkomen dat de totale bij elkaar opgetelde energie van het universum nul is. Het maken van een universum is dan gratis.

Hoe verloopt de manifestatie van een object (of van het Universum) voor een blinde persoon?

Antw: Zie het antwoord op de eerste vraag. En bedenk, we hebben meer zintuigen dan onze ogen Een blind persoon neemt wel degelijk zijn omgeving waar.

Gedachtenexperiment (Tegengestelde van zwarte lichaamsstraling?):

Ik sta in een afgesloten kamer, die aan alle wanden, plafond en vloer voorzien is van volmaakte spiegels. Aan het plafond hangt een peertje met een trekschakelaar. Het licht is aan. Ik doe mijn ogen dicht, en een halve minuut later trek ik aan de schakelaar waardoor het licht uitgaat. Na een paar seconden doe ik mijn ogen open. Wat zie ik dan, en waarom?

Antw: Aangezien jezelf geen volmaakte spiegel bent zal je snel alle straling in de kamer absorberen. Het licht kaatst met 300.000.000 m/s tegen de spiegels en zal uiteindelijk altijd op jou eindigen. Dus dat uitdoven gaat extreem snel. Zou je zelf ook een volmaakte spiegel zijn dan was er geen uitdoving maar dan kon je weer niets zien. 😉

Lichtsnelheid is geen constante?

Hoofdstuk: Licht als harde balletjes of als golven. In de toelichting bij figuur 7 staat: “In het kristal behoudt het gedeelte dat verticaal is gepolariseerd zijn snelheid min of meer en gaat daarom rechtdoor. Het gedeelte van de golf dat horizontaal gepolariseerd is wordt vertraagd… Het resultaat is twee aparte evenwijdige en loodrecht op elkaar gepolariseerde bundels licht”. Maar dit zijn dus twee bundels met verschillende (licht-) snelheden?!?!? Een EM-golf plant zich voort met de lichtsnelheid, maar die snelheid kan dus ook variëren na breking of polarisatie?!?! Wat hier gebeurt lijkt mij elementair, dus: is dit wat er gebeurt? Welke (enorme) gevolgen heeft deze variatie van lichtsnelheid dan?

Antw: Inderdaad, twee snelheden van het licht. Die 300.000.000 m/s geldt alleen in vacuüm. Zodra het licht weer uit het kristal is krijgt het zijn oorspronkelijke snelheid weer terug. Op zich is dat ook al een opmerkelijk fenomeen, zeker zolang je licht beschouwt als een fysiek verschijnsel dat zich beweegt.

Ontwerp van de oogbol en waarnemen van realiteit

N.a.v. blz 133 “Complementariteit volgens Bohr”): De wijze waarop levende wezens ontworpen en gebouwd zijn, zegt mij iets over de leefomgeving en wat lichamen nodig hebben om daarin te overleven. Onze oogbol bestaat uit o.a. een convergerende lens en een netvlies. En we hebben 2 ogen, om diepte en perspectief te kunnen zien. Dit ontwerp zegt naar mijn idee dat we ontworpen zijn om een fysieke werkelijkheid met tastbare objecten te kunnen onderscheiden.

Antw: Hier raak je een uiterst gevoelig punt aan, de controverse tussen neodarwinisme en creationisme. Beide staan aan de uiterste zijden van het spectrum tussen volslagen toeval enerzijds en een alles creërende God aan de andere zijde. Intelligent design (ID) zit m.i. dicht tegen creationisme aan. Ik probeer zelf in het midden te blijven, er zit zeker intelligentie achter de keuzes die het leven maakt maar geen absoluut alwetende. Er zit beslist een element in van ‘uitproberen wat werkt’. Lees Evolution 2.0 van Perry Marshall. De evolutie is dan dat de best gemaakte keuzes de grootste kans hebben om overeind te blijven en is dan geen volslagen roulette meer maar meer vooruitgang door trial en (veel) error.

Een bijzonder hardnekkig misverstand

Het duikt steeds weer op in berichten over kwantumverschijnselen: ‘Afhankelijk van de wijze waarop wordt gemeten manifesteert het kwantumobject zich als deeltje of als golf.‘ Nee, nee en nog eens nee, dat is wat mij betreft niet het juiste beeld.

Zo’n uitspraak wekt de indruk van een object dat zich weloverwogen aanpast aan de gebruikte meetmethoden en dan beslist of het zich als golf of als deeltje laat zien. Geen wonder dat veel mensen hier al afhaken.

Dit verkeerde beeld, dit misverstand, heeft zijn oorsprong in het beeld dat wij vanaf onze vroegste herinneringen binnengelepeld hebben gekregen. Het beeld van de wereld die onafhankelijk van ons bestaat en waarin wij de rol van toeschouwer vervullen, als een toevallige omstander die er ook net zo goed niet had hoeven te zijn. We zijn gewend om ons iets, een ding, voor te stellen als iets dat er gewoon IS en er altijd geweest is. Dat doen we zelfs als het zich al naargelang de manier waarop we ernaar kijken ineens totaal anders en uiterst dubbelzinnig voordoet, zoals bovengenoemd kwantumobject.

Creëren wij onze wereld?

Het is veel ongebruikelijker om ons voor te stellen dat het ding er is OMDAT we het waarnemen, dat het vóór onze waarneming niet bestond en ná onze waarneming er niet meer is. Als we dat zouden doen krijgt dan het ding eigenschappen die we doorgaans aan dromen en gedachten toeschrijven en niet aan ‘echte’ dingen. Die manier van voorstellen past slecht in het gebruikelijke beeld van de permanentie van onze wereld. Toch leert de kwantumwereld ons dat dat beeld van een objectieve permanente wereld hoogstwaarschijnlijk niet waar is.

Kijken naar het dubbele spleet experiment

Het dubbele spleet experiment is een cruciaal experiment in de kwantumfysica. Laten we daarom eens gaan kijken naar dat dubbele spleet experiment.

Electronen die worden afgevuurd op een dubbele spleet vormen een interferentiepatroon.

Als we een groot aantal deeltjes, fotonen, electronen of zelfs grote moleculen, door een dubbele spleet vuren dan onstaat er een interferentiepatroon. Dat is een patroon van lichte en donkere banden. Dat patroon ontstaat ook als we dat deeltje voor deeltje doen. Ook na lange tijd vuren blijken bepaalde gebieden niet of nauwelijks geraakt te worden, dat zijn de lichte banden in bovenstaand plaatje.

Zo’n interferentiepatroon is het gevolg van golfgedrag. Het treedt op als golven elkaar op bepaalde plekken versterken of uitdoven al naargelang respectievelijk hun synchrone gelijkgerichte of juist tegengestelde beweging. Bekijk dit YouTube filmpje voor een zeer verhelderende demonstratie van twee spleten interferentie.

Er is een mathematisch verband tussen de onderlinge afstanden van de banden van het patroon, de afstand tussen de spleten, de afstand van de spleten tot het scherm en de golflengte maar daar hoeven we hier niet op in te gaan om te begrijpen wat er plaatsvindt.

Een dergelijk interferentiepatroon ontstaat alleen als de golven dezelfde frequentie en golflengte hebben. Dat is het geval als twee golfbronnen synchroon trillen. De twee spleten fungeren hier als die bronnen die in fase trillen. De nogal schokkende gevolgtrekking die uit dit patroon wordt gemaakt is: ‘Elk deeltje vertoonde golfgedrag en moet dus ook een golf geweest zijn’. Dat geldt dus ook voor electronen en zelfs voor grote moleculen van meer dan 800 atomen.

Kijken bij de spleet

Als we nu het experiment nu zodanig aanpassen zodat we van elk deeltje kunnen vaststellen door welke spleet het is gegaan dan verdwijnt het interferentiepatroon en krijgen we een patroon dat je het beste kunt beschouwen als twee enkele spleet patronen die over elkaar heen geprojecteerd worden en daardoor eigenlijk niet meer te onderscheiden zijn van een enkele spleet patroon. Elk van de twee spleten produceert nu een enkele spleet patroon, een lichtvlek met de hoogste intensiteit in het centrum, op vrijwel dezelfde plek op het scherm.

De correcte conclusie is dat de golven die door de spleten heen gaan nu niet meer met elkaar interfereren. De relatie tussen die twee golven waardoor ze elkaar op vaste voorspelbare plekken uitdoven of versterken is verdwenen. De conclusie die nu vaak wordt getrokken dat we nu deeltjesgedrag zien slaat eigenlijk nergens op. Het enkele spleet patroon is nog steeds voor 100% golfgedrag, alleen we zien geen interferentie meer zoals die optreedt bij twee synchrone golfbronnen. Het lijkt er meer op dat elke golf die bij een deeltje hoort nu uit maar een van de spleten komt en niet meer uit allebei. En dat is precies wat er hier aan de hand is.

Hoe wij de wereld zien als een verzameling van dingen

.. we van elk deeltje kunnen vaststellen door welke spleet het gegaan‘. Let op hoe deze zin is geformuleerd. Impliciet zit hier de aanname al in dat er sprake is van een deeltje dat een traject aflegt en dat daarbij door een van de spleten reist. Dat is een vooronderstelling die voortspruit uit de manier waarop wij van kindsaf aan de wereld om ons heen hebben leren kennen. En het blijkbaar ontzettend moeilijk vinden om die los te laten. Een op een doel afgeschoten kogel is toch op elk onderdeel van het afgelegde traject geweest? Of niet soms?

De simpele hypothese: de waarneming laat het deeltje verschijnen

Probeer nu , al is het maar voor even, die vooronderstelling los te laten. Stel je het even voor, er is geen deeltje dat een traject aflegt, er is alleen maar een golf. Een golf die bijzonder intiem verbonden blijkt met onze waarneming van het deeltje. Hoe dat werkt stellen we hier nog even uit. Een golf die eindigt als wij een waarneming doen. Een waarneming wil dan zeggen dat wij vaststellen dat er een deeltje op dat moment en op die plaats was. Meteen nadat onze waarneming gedaan is, is het deeltje er niet meer maar is er weer een golf die daar begint waar wij het deeltje het laatst hadden waargenomen. Kijk nu met deze hypothese weer naar de versie van het dubbele spleet experiment waar we konden vaststellen door welke spleet het deeltje ging. Kunnen we het verdwijnen van de interferentie dan beter begrijpen?

Probeer daarom de volgende vijf logische stappen te volgen:

  1. Volgens deze hypothese is het de waarneming, in dit geval door welke spleet het deeltje ging, die het deeltje in een van de spleten liet verschijnen.
  2. Dat verschijnen in de spleet betekent impliciet het eindigen van de golf.
  3. Als de waarneming gedaan is dan was het deeltje er alleen maar ‘daar en op dat moment’ en vertrekt er onmiddellijk daarna weer een golf uit de spleet om uiteindelijk op het scherm achter de spleet terecht te komen.
  4. Aangezien het deeltje niet in beide spleten verscheen – laten we in elk geval maar aannemen dat er geen magische deeltjesverdubbeling plaatsvindt – hebben we nu nog maar één enkele golfbron.
  5. Er is nu dus wél een golf – tussen de dubbele spleet in het scherm – maar er is geen interferentie meer, aangezien we daar nu eenmaal twee synchroon trillende golfbronnen voor nodig hebben.

Hiermee geeft deze hypothese, de waarneming laat het deeltje verschijnen, een volledige en logische verklaring van het verdwijnen van de interferentie wanneer we gaan meten bij de spleet.

Twee in tijd achtereenvolgende waarnemingen in één experiment

Als de golf op het scherm valt dan nemen we daar een lichtpuntje waar. Dat is in principe ook weer een waarneming. Dus als we de meetopstelling zo inrichten dat we kunnen waarnemen in welke spleet het deeltje verscheen dan hebben een meetopstelling gecreëerd met twee achtereenvolgende locaties voor waarnemingen. Eén in de spleet en de ander op het scherm achter de spleten. Dat is het cruciale aspect in een experiment waar we meten bij de spleet.

We moeten dus niet zeggen dat het waargenomen object zich gedraagt als een golf of een deeltje afhankelijk van de manier van waarnemen. In beide opstellingen is het consequent zo dat er een golf is die telkens door een waarneming even resulteert in de manifestatie van een deeltje. In de opstelling waar we kijken in welke spleet het deeltje verscheen doen dus we gewoon twee achtereenvolgende waarnemingen waardoor een golf zich twee keer achtereen manifesteert als deeltje. De meting beïnvloedt direct het gemetene en twee achtereenvolgende metingen op twee locaties binnen de opstelling geven daarom logischerwijs een andere uitkomst dan een enkele meting alleen bij het scherm. Alsof je bij biljarten de rollende bal onderweg nog een stoot geeft en dan verbaasd kijkt dat dat het resultaat beïnvloed. Daar hoeven we dan echt geen intelligente bal voor te veronderstellen.

Er is een speler nodig om de ballen in beweging te brengen.

Geen deeltje en golf tegelijk maar een kansgolf

Als we er op die manier naar kijken dan is er dus geen sprake meer van een deeltje dat zich qua eigenschappen aanpast aan onze manier van meten. Het hele proces verloopt duidelijk en uiterst voorspelbaar, zolang we niet meten is het object dat we willen meten een golf, zodra we meten waar het object zich bevond en wanneer dat was vinden we het object als daar geweest zijnde. Het meten en de manifestatie van het object worden daarmee identiek!

Nu wordt de vraag wat die golf dan is en waaruit die bestaat natuurlijk levensgroot. Het antwoord op die vraag is al voorgesteld door de fysicus Max Born in het begin van de 20e eeuw. De kwantumgolf is in zijn voorstel een golf die op de juiste manier geïnterpreteerd de waarschijnlijkheid per plaats en tijd, waar en wanneer, voorstelt om het object aan te treffen bij een meting. De kwantumgolf geeft ons dus een voorspelling maar geen exacte. Het is een statistische, net als bij het werpen met een dobbelsteen de kans om precies een zes te gooien 1/6 is en dat de voorspelling van de gemiddelde uitkomst van een worp 3,5 is. Overigens ging Max Born er nog van uit dat het deeltje door de golf ‘geleid’ werd. Die interpretatie is later losgelaten.

Kwantummechanica is statistiek

Statistiek is dé manier waarop in de kwantummechanica zeer precies de resultaten van experimenten worden voorspeld. Bij de grote aantallen elementaire deeltjes die bij objecten groter dan een paar micrometer al spelen is de uitkomst aan de hand van deze kansen uiterst precies te voorspellen. Net zo als de gemiddelde uitkomst van honderd miljard keer werpen met een ideale dobbelsteen precies 3,5 zal zijn met een afwijking die we pas ergens na de 8e decimaal zullen vinden. Veel kwantumfysici willen wel aanvaarden dat het deeltje zich slechts bij meting manifesteert maar over hoe de meting dat doet zijn ze het onderling nogal oneens gezien het grote aantal verschillende interpretaties. De meeste interpretaties proberen de objectieve permanentie van de wereld te redden maar slagen daar nog steeds niet overtuigend in. In technische toepassingen gebruiken kwantumfysici gewoon de statistische berekeningsmethoden – shut up and calculate – en laten de interpretatie over aan de twistende theoretici.

De eenvoudigste verklaring is meestal de beste

Zoals ik in het begin al schreef betekent de aanname, dat het ‘ding’ alleen verschijnt omdat we kijken en dat het er niet is als we niet kijken, dat de werkelijkheid die we waarnemen dezelfde kwaliteit krijgt als gedachten en dromen. Als dat nu de aanname is die ons de meest simpele ondubbelzinnige verklaring geeft van het dubbele spleet experiment dan is die misschien toch niet zo gek als het u waarschijnlijk aanvankelijk in de oren klonk. We kunnen ons met deze hypothese elk onderdeel in het dubbelspleet experiment goed voorstellen zonder te pogen om deeltjes die tegelijkertijd golven zijn te visualiseren. Wellicht is het idee dat de wereld er altijd is, onafhankelijk van ons, een zeer hardnekkig misverstand. Dat is mijn overtuiging. De wereld is er omdat wij die waarnemen. Dat geldt dan ook voor het Covid-19 virus uiteindelijk. Natuurlijk roept dat weer een aantal andere vragen op. Kijkt u daarvoor maar eens op een andere pagina op deze website.

Wat is werkelijkheid eigenlijk?

De kwantumfysica vertelt ons dus een heel andere boodschap dan onze zintuigen. De wereld bestaat omdat wij die al ervarend creëren. Als dat nog niet geloofwaardig mocht zijn, bekijk dan eens deze video.

SAFIRE project – de zon in een laboratoriumvat

Naast kwantumfysica heb ik natuurlijk ook andere belangstellingen. En soms kan iets zo’n indruk maken dat ik daar op een kwantumfysica website toch iets over wil zeggen al gaat het niet over kwantumfysica.

SAFIRE: drie jaar bouwen en testen

Het betreft het SAFIRE project. Begonnen door een groep plasmafysici die een van de mainstream afwijkend idee hebben over de krachten die spelen in de interstellaire ruimte en ook binnen ons zonnestelsel. De groep wordt uitgemaakt voor garden-variety-fysici of pseudo-fysici. Wel, ze hebben de uitdaging opgepakt en het SAFIRE project gestart. Ze hebben hun model van hoe zij denken dat de zon werkt nagebouwd in een laboratorium, een project van drie jaar, om na te gaan of hun model te falsifiëren is.

Klik op de afbeelding om het SAFIRE rapport te downloaden

Het resultaat is verbluffend. Bekijk de film die ze gemaakt én lees de pdf en vorm je eigen opinie. Ofwel ze zijn compleet fraudulent bezig, ofwel ze hebben iets bijzonder belangrijks ontdekt (en dat is mijn stellige indruk). Iets dat enorme implicaties kan hebben voor :

  • Onze kennis omtrent de processen die zich afspelen in een ster, met name in onze zon.
  • Onze kennis over de oorsprong van de elementen zwaarder dan waterstof en helium.
  • Schone energieopwekking: een revolutionaire manier waarop energie opgewekt kan worden. Het ziet er uit als kernfusie zonder nadelige bijeffecten en zonder dat er een ongelooflijk dure en complexe fusiereactor, die het hete plasma in magnetische velden moet opsluiten, aan te pas hoeft te komen.
  • een veilige verwerking van radioactief afval.

Energie door transmutatie

Als dit waar is, dan is dit ongelooflijk goed nieuws voor de wereld, zeker in het kader van onze huidige problemen ten aanzien van onze energievoorziening.

Replicatie

Als ik de film bekijk dan moet ik denken aan de faciliteiten die we hier in Nederland hebben, o.a. aan de TU Delft, om deze zon in een vat na te bouwen en aan de tand te voelen. Die technische uitdaging kunnen ze daar m.i. prima aan. Studenten natuurkunde, pak de handschoen op. Anders doen ze het wel in een ontwikkelingsland.

Website in opbouw

De website Kwantumfysica en bewustzijn die nog te vinden is op langenbergadvies.nl  maar binnenkort verdwijnt is verhuisd naar dit domein: kwantumfysica-bewustzijn. Daarmee komt de URL – het adres dat getoond wordt in het browser zoek en adresvenster – meer overeen met de inhoud van deze website.

Voor meer informatie, stuur een email naar: